Nieuws

PAS op de plaats

Gepubliceerd op
11 juni 2012

Het praktijknetwerk Boeren bij een Natura 2000 gebied heeft zich de afgelopen twee jaar gericht op ontwikkelingsmogelijkheden voor ondernemers bij/in een Natura 2000 gebied.

Ontwikkelingsmogelijkheden zijn het plaatsen van een emissiearme stal of het zoeken van uitbreiding in een tweede tak naast de landbouw, maar het netwerk richtte zich vooral op ammoniakreductie via management. Het netwerk heeft een aantal keren een pas op de plaats moeten maken doordat de regelgeving al tijden wacht op Programmatische Aanpak Stikstof (PAS), die tot op de dag van vandaag nog niet ingevoerd is.

De deelnemers van het netwerk hebben zich in de tussentijd verdiept in het terugdringen van de ammoniakemissie door het nemen van managementmaatregelen. Zij hebben hierin gebruik gemaakt van bestaande systemen om de maatregelen te kwantificeren:

  1. De ammoniaklat van CLM, gemaakt in opdracht van Provincie Drenthe (de provincie waar het netwerk zich bevindt)
  2. De BEA: bedrijfsspecifieke ammoniakemissie, gemaakt binnen het project Koeien en Kansen en aansluitend op de reeds wettelijk geaccepteerd BEX.
  3. De kringloopwijzer, ontwikkeld door diverse partijen en onder andere tot stand gekomen vanuit het project Duurzaam Boer Blijven in Drenthe, wederom gefinancierd door Provincie Drenthe.

Het netwerk vond alle drie de systemen bruikbaar en ondanks het perspectief van de systemen is nog geen van drieën wettelijk geaccepteerd binnen de looptijd van het netwerk

Ammoniakemissie en rendement
Uitgangspunt van het netwerk was dat de gekozen ammoniakreducerende maatregelen de ondernemer geen geld mogen kosten en bij voorkeur zelfs geld op zouden leveren.
Een belangrijke managementmaatregel die ammoniak reduceert is het toepassen van weidegang. Emissiearme vloeren zijn er immers op gericht urine zo snel mogelijk af te voeren, een eigenschap die de zandgrond van de netwerkdeelnemers ook bezit!

Via de stichting Weidegang vroegen de netwerkdeelnemers daarom een beweidingsadvies aan. Het optimaliseren van de weidegang zorgt er immers voor dat de ondernemer zijn koeien minder snel op zal stallen. Netwerkdeelnemer Gert Jan Warringa: “om te blijven beweiden is het voor ons van belang dat de koeien zo veel mogelijk gras opnemen in de wei. Daarnaast willen we graag grote oppervlaktes tegelijk kunnen maaien. Daarom hebben wij gekozen voor standweiden. Dit is geen makkelijk systeem, maar de adviseur heeft ons hier goed mee geholpen.”

Kleine stapjes voorwaarts [kader een netwerkdeelnemer aan het woord]
“Doordat we in het netwerk bewust bezig zijn geweest met de ammoniakemissie zijn we hier op het bedrijf ook meer op gaan letten. Als boer wil je zo hoog mogelijke opbrengst en ruw eiwit in je gras, het is zonde als je stikstof zomaar de lucht in gaat”, aldus Warring die nog meer maatregelen noemt waar hij mee op het bedrijf aan de slag ging. “Door het netwerk zijn we echt gaan nadenken over beweiding en doen we niet meer alles op de automatische piloot. Om te blijven beweiden is het voor ons van belang dat de koeien zo veel mogelijk gras opnemen in de wei. Daarnaast willen we graag regelmatig grote oppervlaktes tegelijk kunnen maaien en het systeem moet weinig arbeid vragen. Daarom hebben wij gekozen voor standweiden. Ook gebruiken we nu lava in de boxen in plaats van kalk. De kalk in de boxen komt bij de mest terecht en zorgt voor meer ammoniakemissie.”
Ook heeft hij de bemesting en het graslandmanagement aangepakt om de stikstofkringloop verder te sluiten. “We ruilen nu minder grond met een akkerbouwer en hebben mestopslag gebouwd om meer mest in het voorjaar uit te rijden. Dit heeft niet direct een positief effect op ammoniakemissie, maar zorgt wel dat we de stikstofkringloop verder sluiten.” De maatregelen die je neemt tegen ammoniakemissie leveren geen kilo’s stikstof tegelijk meer op. De tijd van de grote sprongen hebben we gehad door te sturen op een laag ureum. Wat we nu doen gaat met hele kleine stapjes, maar als het je geen geld kost waarom zou je het dan laten?”