Nieuws

Praktijknetwerk bezoekt maïspercelen

Gepubliceerd op
29 juni 2012

De deelnemers van het praktijknetwerk Maïs telen met GPS op zand hebben op dinsdag 26 juni jl. bij drie deelnemers praktijkvelden en een demoveld bezocht in Drenthe. Daar is de werking van GPS-RTK apparatuur bekeken en niet kerende grondbewerking.

Bij de start van het netwerk hebben de deelnemers met de loonwerker uit het netwerk in Noord Nederland de opzet van de velden besproken. Deze loonwerker beschikt over GPS-RTK apparatuur, zodat het mogelijk is rijenbemesting uit te voeren in gescheiden werkgangen. Hiermee wordt een hogere capaciteit gehaald als met het bemesten en zaaien in één werkgang. Een aantal deelnemers in het praktijknetwerk heeft al ervaring met niet kerende grondbewerking.

De aangelegde praktijkvelden
De praktijkvelden op de bedrijven zijn voor een deel geploegd dit voorjaar. De perceelsgedeelten die niet geploegd zijn, heeft men doodgespoten om de aanwezige groenbemester, veelal gras, te vernietigen. Door de late oogst in 2011 en de strenge winter heeft de groenbemester zich matig ontwikkeld, een extra bewerking na de bespuiting was daarom niet nodig.

Bemesting en zaaien is dus zowel uitgevoerd op geploegd als niet geploegd land. Vooraf heeft één van de deelnemers een mengsel gemaakt van dierlijke mest aangevuld met bijv. vloeibare kali meststof en spuiwater voor de gewenste mestgift. De anderen hebben alleen rundveedrijfmest in de rij gegeven, soms aangevuld met breedwerpig KAS en/of kali 40.

De bemester en de zaaimachine hebben een werkbreedte van 9 m (12 rij-ige).
Praktijkvelden:
- bemesten en zaaien met rijenbemesting en zaaien met GPS op geploegd en niet geploegd deel.
- op niet geploegd perceel is een demoveld aangelegd. Deels gewerkt met rijenbemesting (40 resp. 35 m3 drijfmest en gangbare bemesting. Op het deel met gangbare bemesting is extra bemest met NP in de rij om gelijk uitgangssituatie te krijgen. Het veld met de traditionele bemesting is na het bemesten losgetrokken met een cultivator met aandrukrol. Zo wordt dezelfde grondbewerking benaderd van de GPS-rijenbemester.
In het bemestingsadvies voor maïs rekenen we voor stikstof met een 125% werking, en voor fosfaat met 200% werking t.o.v. breedwerpig.

De resultaten
Door het koude voorjaar heeft de maïs zich nog maar matig ontwikkeld en zijn verschillen door de bewerkingen niet duidelijk zichtbaar. In het veld is veel discussie over de onkruidbestrijding in maïs en het bijzonder bij achterwege laten van de grondbewerking in het voorjaar. Na het zaaien is op nagenoeg alle percelen mechanische onkruidbestrijding toegepast door een bewerking met de wiedeg. De grond lag er na de toepassing van de rijenbemesting vlak genoeg om deze bewerking te kunnen uitvoeren.
Op een aantal percelen is de onkruiddruk nog aan de hoge kant. Reden hiervan is dat er te krap gespoten is en/of de weersomstandigheden waarbij gespoten is niet optimaal zijn geweest. Op het perceel waar al meerdere jaren niet geploegd is, vraagt de onkruidbestrijding nu meer aandacht. Door er nu bovenop te zitten wordt de uitgangspositie qua onkruiddruk voor de komende jaren beter, als de aandacht nu verslapt wordt het probleem de komende jaren alleen maar groter.

Door het graven van profielkuilen in de rij is nog te zien waar de mest is geplaatst. De deelnemers zijn enthousiast over de toepassing van de rijenbemesting. Op het demoveld zien ze nu geen verschil in het gewas bij gelijke werkzame hoeveelheid mineralen. Wat opvalt is het verschil tussen de geploegde en niet geploegde grond in het voorjaar. De geploegde grond is veel losser. De vraag is welke invloed dit heeft in en droog voorjaar in vergelijking met de niet kerende grondbewerking voor de vochtvoorziening van de planten.
Het is nu nog te vroeg om conclusies te trekken. In september gaan de deelnemers de ontwikkeling van de gewassen opnieuw bekijken.

Verschil tussen noord en zuid
De deelnemers in het praktijknetwerk zien grote verschillen in toepassing van GPS in Noord-Oost en Zuid Nederland. In Noord Nederland heeft een beperkt aantal loonwerkers hierin al geïnvesteerd. In Zuid Nederland is dit nog net het geval. Wel is hier ervaring met de toepassing in één werkgang met rijenbemesting.

Vervolg
Vanuit het netwerk vinden de deelnemers het belangrijk te komen tot een goed teeltsysteem, met rijenbemesting inclusief de gewasbescherming. Zij zien daarbij ook goede mogelijkheden voor niet kerende grondbewerking. Dit bespaart kosten en verbetert de bodemvruchtbaarheid. Daarvoor gaan zij verder in overleg met partijen als de waterschappen. Een punt wat het netwerk daarbij wil bekijken is op welke wijze oppervlakkige afspoeling van mineralen en gewasbeschermingsmiddelen is tegen te gaan.