Nieuws

Koeien & Kansen-bedrijven onder de loep met KringloopWijzer (2/5) Meer dan 35% stikstofbenutting en bijna 100% van de fosfaat

Gepubliceerd op
23 juli 2012

De KringloopWijzer berekent op vijf onderdelen de benutting van mineralen: vee, mest, bodem, gewas en ten slotte het gehele bedrijf. In 2011 benutten de Koeien & Kansen-bedrijven gemiddeld op het hele bedrijf 37% van de stikstof en 98% van de fosfaat. Het gemiddelde Nederlandse bedrijf komt in 2009 niet verder dan resp. 27% en 63%. Een betere benutting van mineralen in de kringloop leidt tot minder aanvoer en dus kostenbesparing. Een goede mineralenbenutting is dus goed voor het milieu en vaak ook goed voor de portemonnee.

In een voorgaand bericht heeft u kunnen lezen dat Koeien & Kansen-veehouders in 2011 gemiddeld haast hetzelfde stikstofoverschot realiseren dan dat van het veel minder intensieve, gemiddelde Nederlandse bedrijf in 2009. Dit duidt op een hogere mineralenbenutting door de Koeien & Kansen-veehouders. En dat klopt. In Figuur 1 ziet u dat de Koeien & Kansen-bedrijven in 2011 (groene staafjes) een hogere stikstofbenutting (rode balkjes), 37% tegen 27% realiseren dan het gemiddelde Nederlandse bedrijf in 2009.
Figuur 2 doet hetzelfde voor fosfaat (oranje staafjes). Het verschil in overschot is 12 kg fosfaat per ha in het voordeel van de Koeien & Kansen-bedrijven en maar liefst 35% in benutting, 98% tegen 63% voor het gemiddelde Nederlandse bedrijf.

Vier deelbalansen
De benutting van het bedrijf is de resultante van de mineralenefficiëntie in de bedrijfskringloop. Die kringloop kent eigenlijk een eindbalans en vier deelbalansen, dus vijf benuttingscijfers:

  1. Benutting van het hele bedrijf: de omzetting van aanvoer van voer en meststoffen, inclusief die van klaver en depositie, in de afvoer van melk en vlees. Het niet benutte deel is het overschot op de bedrijfsbalans;
  2. Benutting van de veestapel: de omzetting van opgenomen voer in melk en vlees. Het niet benutte deel is de excretie (onder de staart van de koe);
  3. Benutting van mest: de omzetting van excretie (onder de staart van de koe) in benutbare meststof voor het gewas; het niet benutte deel zijn de ammoniakverliezen uit: dierlijke mest in stal en opslag, tijdens toediening van dierlijke mest en tijdens beweiding;
  4. Benutting van de bodem: de omzetting van alle meststoffen (inclusief klaver, depositie en gewasresten) in bruto gewas (wat op het veld staat voor oogst/beweiding). Het niet benutte deel is het overschot op de bodem;
  5. Benutting van het gewas: de omzetting van bruto gewas in benutbaar, opgenomen voer. Het niet benutte deel zijn verliezen tijdens maaien, oogsten, conserveren, voeren en beweiden.

Figuur 3 geeft een totaaloverzicht van de gemiddelde bedrijfskringloop en per deelbalans met de stikstof- (linker plaatje) en fosfaatbenutting (rechter plaatje) op Koeien & Kansen-bedrijven. De rode cijfers zijn de benutting-waardes van het gemiddelde Nederlandse bedrijf in 2009.

Benuttingen verschillen sterk

Binnen deze gemiddelde is de variatie in benutting vrij groot. Neem bijvoorbeeld stikstof. Figuur 4 toont per Koeien & Kansen-bedrijf en per deelbalans de benuttingcijfers. Daaruit blijkt dat een hoge benutting van het bedrijf, niet altijd gepaard gaat met een systematisch hogere benutting op alle bedrijfsonderdelen. Daarin zitten nogal wat verschillen. Het ene bedrijf richt zich meer op het verbeteren van de voeding, een ander bedrijf richt op een hoge benutting van de bodem. Vaak is het een combinatie van de omstandigheden (grondsoort, waterhuishouding, gewassen) en het management. Bijvoorbeeld het bedrijf met de hoogste bedrijfsbenutting heeft een zeer hoge benutting van de bodem, maar de benutting van de veestapel is maar gemiddeld. Om precies te achterhalen waardoor de verschillen komen, is nog meer informatie nodig over het functioneren van de verschillende bedrijfsonderdelen. Maar dat is iets voor de ‘gesprekken aan de keukentafel’. De KringloopWijzer levert hiervoor de informatie.

In een volgend bericht (3/5) nemen we de bodem onder de loep.




  • Figuur 1 Stikstofoverschot (kolom, kg/ha) en stikstofbenutting (balkje, %) van het Koeien & Kansen-bedrijf in 2011.  De laatste kolom (Gem. NL, gearceerd) is het resultaat van gemiddeld in Nederland in 2009, berekend op basis van BIN-cijfers (LEI).
  • Figuur 2 Fosfaatoverschot (kolom, kg/ha) en fosfaatbenutting (balkje, %) van het Koeien & Kansen-bedrijf in 2011.  De nummers komen overeen met de nummers in Figuur 1.  De laatste kolom (Gem. NL, gearceerd) is het resultaat van gemiddeld in Nederland in 2009 (BIN-cijfers).
  • Figuur 3 Gemiddelde benutting van stikstof (linker plaatje) en fosfaat (rechter plaatje) in de kringloop in 2011 op Koeien & Kansen-bedrijven (in zwart).  In rood de cijfers van het gemiddelde bedrijf in Nederland in 2009.
  • Figuur 4 Benutting van stikstof in de kringloop in 2011 per Koeien & Kansen-bedrijf.  De nummers komen overeen met de nummers in Figuur 1.