Nieuws

Kelderloos bouwen circa €40 per m2 goedkoper

Gepubliceerd op
21 maart 2013

Het praktijknetwerk De Kelder te Boven heeft de kosten van de onderbouw van drie gerealiseerde kelderloze stallen vergeleken met drie vergelijkbare stallen die onderkelderd zijn. Het grootste verschil in bouwkosten wordt bepaald door de onderbouw en bij kelderloos bouwen kan 15 tot 30% op bouwkosten bespaard worden.

Het verschil in bouwkosten wordt voornamelijk bepaald door de onderbouw. Uit de aanbesteding van de vier bouwprojecten die gedurende het praktijknetwerk zijn gerealiseerd, komt DLV begeleider Geertniek Schonewille tot de volgende rekensom: "als we de onderbouw per m2 vergelijken zit er tussen kelderloos en onderkelderd bouwen ruim €40,- per m2. Hierbij is rekening gehouden dat er bij kelderloos bouwen voor twee dagen een mestopslag aanwezig is. Uit de aanbestedingen bleek dat de gemiddelde kosten van een vergelijkbare stal onderkelderd gemiddeld €173,72 bedragen tegen het gemiddelde van de kelderloze stal van €68,49 per m2. Maar daar komen de extra kosten van externe mestopslag van €61,61 nog bij op.” De totaalsom uit de aanbestedingen komt bij kelderloos bouwen op €130,10 per m2 uit, tegen €173,72 per m2 onderkelderd.

Draagkrachtige grond

De gerealiseerde stallen, en hiermee ook de stallen die zijn meegenomen in het aanbestedingstraject, zijn allen gebouwd op draagkrachtige zandgronden. “Nu zijn we in het praktijknetwerk ook bezig om inzichtelijk te maken wat het verschil in kosten is wanneer er op klei of veen gebouwd gaat worden”, vertelt netwerkbegeleider Sander Woestenenk. “De draagkracht van de grond zal zeker het grootste deel van de marge bepalen”, spreekt Sander zijn verwachtingen uit. “Het grondwerk, wat nu circa 1/6 van de totale kosten van de onderbouw bepaalt, zal de som van de totale bouwkosten doen stijgen. Daar bovenop komen nog de kosten die nodig zijn voor het heien.”

Kosten onderbouw

Bij uitsplitsing van de kosten van de onderbouw is de vloer de grootste kostenpost (zie figuur). “De kosten van de vloer bedragen al 2/3 van de totale onderbouwkosten” vervolgt Geertniek Schonewille zijn rekensom als afgeleide uit de aanbestedingen. “Gevolgd door grofweg 1/6 van de totaal kosten voor grondwerk en 1/6 van de totaalkosten voor de fundering”.

De deelnemers van het praktijknetwerk gaan zich, naast de vraag van bouwkosten op minder draagkrachtige gronden, ook richten op een modulair ontwerp, met melkrobots en geschikte RAV-vloer die constructief economisch zo voordelig mogelijk gebouwd kan worden.

Meer informatie bij netwerkbegeleiders Sander Woestenenk of Geertniek Schonewille