Nieuws

Groei jongvee varieert sterk: tips voor verbetering

Gepubliceerd op
19 april 2012

De variatie in groei van jongvee is groot. Dit wordt veroorzaakt door allerlei factoren, zoals gezondheidsproblemen, niet optimale voeding, broei in kuilen, etc. Dit betekent dat hier kansen liggen tot verbetering, zo blijkt in het praktijknetwerk ‘Jongvee mestproductie en mineralenbenutting’.

Bij meting van de dieren op 12 bedrijven bleek een verschil in groei van ruim 300 gram per dag tussen de bedrijven. De groei varieerde van 670 tot 970 gram per dag, met een gemiddelde van 806. Dit gemiddelde ligt dicht bij de gewenste groei van 820 gram/dag om een gewicht van 600 kilogram bij afkalven op 24 maanden te realiseren.

Meten van de dieren geeft inzicht in de ontwikkeling en de groei van de verschillende leeftijdscategorieën. Door 2-4 keer per jaar minimaal 5 dieren per leeftijdsgroep te meten kan ook opgespoord worden in welke leeftijdsgroep de groei niet optimaal is. Hierna kan een plan voor verbetering opgesteld worden.

Uit de variatie blijkt dat een goede groei haalbaar is. Bij de bedrijven met een hoge groei wordt een kwalitatief zeer goed rantsoen verstrekt en is veel aandacht voor de huisvesting en gezondheid van de dieren. Op deze bedrijven is het van belang om vervetting te voorkomen, omdat dat afkalfproblemen kan veroorzaken en een slechtere vruchtbaarheid. Vooral dieren ouder dan 10 maanden kunnen te vet worden. Tot 10 maanden is het belangrijk om de jeugdgroei maximaal te benutten.

Bij de bedrijven met een matige groei is de kwaliteit van het voer vaak minder en is de gezondheid niet optimaal. Belangrijk hierbij is ook het biestmanagement.

Op bedrijven met een matige groei stijgt de afkalfleeftijd naar 28 maanden of kalven de dieren met een te laag gewicht. Dit laatste geeft een lagere melkproductie. Als de dieren op 28 maanden afkalven in plaats van 24 maanden zijn de opfokkosten ongeveer € 200 per dier hoger.

In het PZ-project 'Jongveeopfok: faalkosten en winstkansen' wordt momenteel ook bekeken hoe de voeropname van jongvee het beste kan worden ingeschat. Hiertoe worden enkele bestaande modellen vergeleken en eventueel aangepast. Later dit jaar zal hierover meer informatie gepubliceerd worden.

Tips voor een betere groei van jongvee:

  • Zorg dat kalveren voldoende weerstand opbouwen door 3 * V'' toe te passen: geef biest veel, vaak en vooral vroeg (kort na de geboorte). Dit laatste is van belang, omdat de grote eiwitten die de weerstand bevorderen na 12 uren al slechter via de darm opgenomen worden.
  • Goede gezondheid
  • Voorkom ziekte-insleep: o.a. BVD, Neo-Spora en Mortellaro
  • Pinkengriep enten
  • Wormbesmetting beperken of enten / bestrijden bij weidegang. Omweiden door maximaal 2-3 weken te weiden op schoon perceel. Voor longwormen kan geënt worden. Indien nodig voor long- en maagdarmwormen tijdig behandelen.
  • Goede ventilatie: gezonde luchtwegen van jongvee.
  • Rantsoen op leeftijd aanpassen: jonge dieren hogere voederwaarde (o.a. meer snijmaïs) dan oudere dieren. Bijvoorbeeld gemiddeld rantsoen tot 10 maanden 900-950 VEM en daarboven 850 VEM per kg droge stof.
  • 1e 10 maanden hard laten groeien en daarna letten op vervetten. Later groeiachterstand inhalen valt niet mee. Dit gaat ten koste van de voerefficiëntie en leidt tot te vetten dieren.
  • Voldoende verschillende leeftijdsgroepen maken (6 groepen van 0-2 jaar).
  • Krachtvoer op maat voeren, vooral aan de jongere dieren, maar ook aan oudere bij slecht ruwvoer.
  • Voeren van voldoende structuur, vooral bij natte en eiwitrijke rantsoenen. Hierdoor wordt de passagesnelheid van het voer door het dier vertraagd en wordt de benutting beter. Om vermorsen te voorkomen stro hakselen in opslag.
  • Over elkaar kuilen van verschillende kwaliteiten, waardoor een constanter rantsoen ontstaat.
  • Voldoende voersnelheid om broei te voorkomen; minimaal 1,5 m per week.
  • Bij een te lage voersnelheid van de snijmaïs, is een maïsslurf of maïsbalen aan te raden om broei te voorkomen. Alternatief is het aftoppen van de kuil of maïs over gras kuilen.
  • De combinatie van weiden en binnen bijvoeren wordt in de praktijk als positief voor de groei ervaren. Dit is echter niet altijd uitvoerbaar.