Nieuws

Emissiereductie via management

Gepubliceerd op
10 september 2012

Melkveebedrijven laten behoorlijke verschillen zien in ammoniakemissie en stikstofexcretie via Bedrijfsspecifieke Excretie (BEX) en Bedrijfseigen Excretie Ammoniak (BEA).

Melkveebedrijven laten behoorlijke verschillen zien in ammoniakemissie en stikstofexcretie via Bedrijfsspecifieke Excretie (BEX) en Bedrijfseigen Excretie Ammoniak (BEA). Dit is ook het geval bij de pilotveehouders in Proeftuin Natura 2000 Overijssel. Dat betekent dat via managementmaatregelen de ammoniakemissie in veel gevallen nog lager kan. Verkenningen laten zien dat de ammoniakemissie bij pilotbedrijf Wessels in Rijssen via bedrijfsmanagement nog circa 30 procent lager kan. Met name minder eiwitrijk voeren zal hier aan bijdragen.

De variatie is stikstofexcretie is behoorlijk bij de pilotveehouders. Dit is in figuur 1 te zien. Daarin staat de afwijking van de stikstofexcretie ten opzichte van de forfaitaire norm bij de uitgangssituatie van de pilotveehouders in 2011. Een negatieve afwijking betekent dat de veehouder een voordeel met BEX heeft en minder stikstofexcretie dan forfaitair bepaald.

Figuur 1 stikstofexcretie pilotbedrijven 2011 als afwijking van de forfaitaire norm (%). Afwijking naar beneden betekent BEX-winst, afwijking naar boven is geen BEX-winst (bedrijf 5 is veehouder Wessels).
Figuur 1 stikstofexcretie pilotbedrijven 2011 als afwijking van de forfaitaire norm (%). Afwijking naar beneden betekent BEX-winst, afwijking naar boven is geen BEX-winst (bedrijf 5 is veehouder Wessels).

De verschillen worden bepaald door bijvoorbeeld de intensiteit van het bedrijf, het aandeel mais in bouwplan, de aanvulling van het krachtvoer en andere keuzes van de veehouder bij voederwinning en rantsoen. De grote verschillen tussen de bedrijven laten zien dat er mogelijkheden zijn voor een hogere stikstofefficiëntie en verlaging van ammoniakemissie. Om dit te illustreren zijn voor pilotveehouder Wessels een aantal opties in het bedrijfsmanagement verkend om ammoniakemissie te verminderen.

Deze veehouder had een BEX-voordeel van 4,5 procent in 2011. Het bedrijf melkt een quotum van bijna 1.000.000 kg met 125 koeien. De melkproductie per hectare is ruim 20.000 kg. 8% van de oppervlakte is snijmais. De jongveeopfok is gedeeltelijk uitbesteed en de koeien weiden 6 maanden lang 8 uur per dag. De krachtvoergift per 100 kg melk is bijna 22 kg. Het rantsoen bestaat uit graskuil, vers gras, krachtvoer en circa 27 procent mais. Het ureumgetal was gemiddeld 22 in 2011.

Nu zijn een paar scenario’s verkend voor het bedrijf van Wessels om het ammoniakemissie via het management te verlagen. Voor de volgende maatregelen is het effect op ammoniakemissie doorgerekend met behulp van BEX en BEA:

  • Een maand langer weiden
  • Het aandeel mais in het rantsoen verhogen
  • Perspulp als bijproduct gebruiken
  • Het ruweiwitgehalte (Re) van het rantsoen verlagen via eiwitarmer krachtvoer

In figuur 2 is het resultaat te zien.

Figuur 2 Verkenning reductie ammoniakemissie voor bedrijf Wessels (gegevens 2011) voor een aantal (voer)managementmaatregelen.
Figuur 2 Verkenning reductie ammoniakemissie voor bedrijf Wessels (gegevens 2011) voor een aantal (voer)managementmaatregelen.

Meer info bij Michel de Haan.