Nieuws

Bollentelers en melkveehouders samen om tafel

Gepubliceerd op
9 juli 2013

Een geslaagde bijeenkomst voor de deelnemers van het Praktijknetwerk Gezonde Grondruil en de bollentelers waarmee grond wordt geruild.

ggruilen.jpg

Samen aan tafel levert meer wederzijds begrip op, maar ook vooral aanknopingspunten voor een ‘gezondere’ samenwerking. De gezamenlijke conclusie van de deelnemers aan de bijeenkomst was dat veel meer studiegroepen (van melkveehouders én bollentelers) dat zouden moeten oppakken. Voorjaar 2013 wordt het netwerk afgerond en zal er een brochure verschijnen over de “do’s en dont’s” bij grondruil.

In een ochtend hebben we de drie netwerklijnen gezamenlijk besproken met de deelnemende veehouders van het netwerk en een 8-tal bollentelers. Iedere veehouder had daarvoor zijn eigen bollenteler uitgenodigd.

De grote lijn die we steeds gebruiken voor Gezond Grondruilen:
Stap 1 Wat kost ruilen aan bodemvruchtbaarheid?

Er is uitgewisseld dat grasland scheuren voor bouwland organische stof kost en vaak ten koste gaat van N-leverend vermogen. Maar is ook door gesproken over de advisering en giften rond P en K op grasland, maar ook tijdens de bollen.

Stap 2 Wat kun je doen om de schade in bouwlandfase zoveel mogelijk te beperken?
Spuitmiddelen, grondbewerkingen, beregenen en oogsten is aan de orde geweest. Het blijkt dat er grote verschillen zijn in werkwijze, de motivatie daarbij en het effect daarvan op de opbrengst, maar ook de langere termijn effecten.

Stap 3 Hoe kun je de herinzaai het best weer opstarten?
Hier is besproken hoe de grond vlak komt te liggen, hoe om te gaan met opslag, maar ook de risico’s als je zonder kerende grondbewerking gras wilt inzaaien.

De conclusie was dat het belangrijk is met elkaar echt het gesprek aan te gaan in een samenwerking. Die tijd wordt vaak niet genomen, maar levert veel op. Maak van twee kanten zaken bespreekbaar als je vragen/zorgen hebt. Dit soort bijeenkomsten kan daarbij helpen. Misschien zou de ervaring van dit netwerk groter gedeeld kunnen worden bij onze achterbannen. Denk aan LTO, KAVB, Agrifirm, CONO etc.
In de individuele samenwerking jaarlijks evalueren en liefst een soort checklist daarbij gebruiken, die zal het netwerk nog opleveren.

Informatie bij netwerkbegeleiders Nick van Eekeren of Bert Philipsen

Meer informatie