Nieuws

BEX jongvee: eerste resultaten zeer positief

Gepubliceerd op
4 juni 2012

Een BEX voordeel van 15-20% voor zowel stikstof als fosfaat ten opzichte van de forfaitaire norm is voor jongveeopfokbedrijven haalbaar. Dat berekende het praktijknetwerk Jongvee Mestproductie en Mineralenbenutting aan de hand van BEX cijfers uit 2011. Het logische gevolg van een hogere benutting is dat er meer mest op het eigen bedrijf kan blijven en de grond beter bemest kan worden met als gevolg meer voerproductie op eigen grond.

De resultaten van de BEX-jongvee van de 13 deelnemers van het praktijknetwerk Jongvee Mestproductie en Mineralenbenutting over het jaar 2011 zijn verwerkt. Om de betrouwbaarheid van de cijfers te vergroten zijn de gegevens van jongveeopfokkers, verspreid over heel Nederland, toegevoegd aan de resultaten. In totaliteit zijn er van 53 bedrijven resultaten in de analyse meegenomen. 20 deelnemers hiervan weiden de kalveren en 28 de pinken.

Het voordeel dat behaald wordt uit het programma BEX-Jongvee op het gebied van stikstof en fosforverbruik is goed te verklaren aan de hand van de rantsoenen van het jongvee (zie tabel). Uit de analyse van resultaten blijkt dat wanneer het ruw eiwit- en fosforgehalte lager wordt automatisch de procentuele besparing op deze mineralen in BEX verhoogd wordt. Deze verlaging van het verbruik van beide mineralen is het gemakkelijkste te realiseren door het aandeel snijmaïs in het rantsoen te verhogen. Van dit product is bekend dat het ongeveer de helft van de mineralen bevat t.o.v. grasproducten terwijl het gemiddeld een hogere voederwaarde (VEM) bevat. Daarnaast helpen structuurrijke producten als stro en hooi bij een goede vertering. Deze producten vertragen de passagesnelheid door het dier, verbeteren de penswerking en bevatten meestal ook een erg laag stikstof- en fosforgehalte. De beperkende factor bij het halen van een hoge BEX-Jongvee score is hiermee het beschikbare ruwvoer. Klik hier voor het rapport.