Mark Pijnenborg en Marianne van Kempen in Ysselsteyn:

"Economisch- en milieuverantwoord melken gaan goed samen."

Het melkveebedrijf van de maatschap Pijnenborg- van Kempen ligt in het vee-intensieve Ysselsteyn, Noord-Limburg.

Mark Pijnenborg en Marianne van Kempen beseffen dat het verlagen van de mineralenverliezen op het intensieve bedrijf, met ruim 20.000 kilogram melk per hectare, een flinke klus is. Ondanks dat is beweiden mogelijk en gaan de koeien in de zomer naar buiten. “Dit is een soort principezaak”, zegt Mark vastbesloten. Sinds de bedrijfsovername in 1991 is bewust in kleine stapjes geïnvesteerd in melkquotum. Het bedrijf melkt nu gemiddeld 120 koeien. Deze koeien produceren samen 1,1 miljoen kilogram melk met 4,25% vet.

Meer dan 20 jaar bezig met mineralenmanagement

De maatschap houdt zich sinds 1993 bezig met mineralenmanagement. Eerst binnen het Limburgs demoproject milieuzorg en later binnen het project Koeien & Kansen. Naast efficiënte benutting van voer en mest hecht het melkveebedrijf aan een prettig en gezond leef- en werkklimaat voor boer en dieren. Het melkveebedrijf gebruikt hoornloze- en kruislingstieren voor gezonde, sterke en probleemarme koeien. Een voermengwagen draagt bij aan de arbeidsefficiëntie. ''In 2015 hebben we twee Fullwood M2erlin robots in gebruiken genomen. Zo proberen we de inzet van de beschikbare arbeid verder te verbeteren op ons bedrijf'', zegt Pijnenborg.
De ongeveer 54 hectare vochthoudende zandgrond met deels een veenlaag en een hoge grondwaterstand, maken het lastiger om een goede kringloop te realiseren. "We kennen het probleem dat het gras in het voorjaar later op gang komt.” Toch is het bedrijf in staat goed verteerbaar en hoogwaardig voer te produceren voor haar veestapel.

Mestoverschot afzetten

Het bedrijf produceert meer mest dan ze op eigen grond kwijt kan. Om dit mestoverschot te verminderen wordt mest afgezet in de omgeving en grond geruild met akkerbouwers. Tevens wordt geëxperimenteerd met mineralenconcentraat uit dierlijke mest, als vervanging voor kunstmest.
De verhouding in grondverbruik is de afgelopen jaren verschoven naar minimaal 80 procent gras en ongeveer 20 procent mais. Dit om te voldoen aan de derogatie, zodat het bedrijf 250 kg stikstof uit graasdierenmest per hectare grasland en bouwland per jaar mag gebruiken.

Zelfvoorzienend in stroom

In 2011 is het bedrijf gestart met de productie van zonne-energie om zo de CO2 reductie te verminderen. ''In 2017 hebben we het aantal zonnepanelen uitgebreid tot ruim 300 stuks. We zijn nu volledig zelfvoorzienend qua stroom'', voegt hij er aan toe.